Napolitaanse toestanden aan de Noordzee?

Napolitaanse toestanden aan de Noordzee?

Delen op

Ieder jaar in de maand juli kijken we uit naar de komst van de Zeeuwse mosselen, de oesters van de werkman. Na jarenlang onderzoek, ontelbare keren diepzeeduiken in de Noordzee en 350.000 euro armer, had scheepshersteller José Reynaert eindelijk de ideale plaats ontdekt voor zijn off-shore hangmosselcultuur. Namelijk, zone 1, enkele mijlen buiten de kust van Nieuwpoort.

‘Misbruik van overheidsmiddelen en concurrentievervalsing geven de Belgische mosselen een wrang smaakje’

Om zijn mosselkweekkooien te mogen plaatsen moest hij een concessie aanvragen bij respectievelijk Johan Vande Lanotte, de baas van het Oostendse Havenbedrijf AGHO en minister van de Noordzee, en zijn opvolger Renaat Landuyt. Tot zijn verbazing en ergernis werd de concessie niet aan hem, maar aan SDVO toegewezen, de Stichting voor Duurzame Visserijontwikkeling. Na veel lobbywerk kreeg pionier José Reynaert toch zo’n tien procent van de oppervlakte van Zone 1 als troostprijs voor zijn mosselkweek en ontwikkelde er met de financiële hulp van reder Willy Versluys de Belgica Mossel.

SDVO werd op 22 september 2004 onder de auspiciën van boven vernoemde SP.A- ministers opgericht om duurzame ecologische vismethoden te ontwikkelen. Het werd gefinancierd met projectsubsidies van de Vlaamse Overheid, met manna uit Europa (steunmaatregel N274/203) en met zo’n 2 miljoen euro per jaar uit het Zeevissersfonds. Een tiental jaren geleden maakte de baggersector een crisis door en dreigde uit te vlaggen wegens de te hoge kosten. Toen werd de beslissing genomen om de sector vrij te stellen van betaling van twee derde van de sociale zekerheidsbijdragen. De baggerbedrijven behoren vandaag tot de meest bloeiende bedrijven van dit land. Voor de noodlijdende zeevisserijsector werd een analoge maatregel voorgesteld. Maar onder druk van de vakbonden werd besloten een deel van de sociale zekerheidsbijdragen te storten in het Zeevissersfonds in plaats van de rederijen vrij te stellen zoals de baggersector. Zo werd besloten de patronale lasten op het verschil tussen het gewaarborgd dagloon en het effectieve loon van de zeevisser te storten aan het Zeevissersfonds. Deze gelden worden aangewend voor een verbetering van het statuut van de zeevisser (gratis werkkledij, taxi naar aan- en afmonsteringplaatsen) en één derde van deze miljoenen euro’s ongeveer 2 miljoen euro per jaar, werd doorgestort naar SDVO.

Ivan Victor, SP.A- politicus en voorzitter van de Belgische Transportarbeidersvakbond BTB, werd voorzitter van SDVO en Alex De Bock van de Liberale vakbond ACLVB werd secretaris. Verder nog Christine Desmet (ACV) en een paar reders. Cathy Plasman, cabinettard bij de minister van de Noordzee, hield een visoogje in t’ zeil. Kortom een kolchoze met gemeenschapsgeld onder socialistische voogdij, en voor elk politiek kleurtje een zitje.

Napoli aan de Noordzee
SDVO vervelde van een VZW naar een staatsonderneming met commerciële belangen. Bij de oprichting had SDVO nog een kapitaal van 5.2 miljoen euro en in 2008 boekte het een verlies van 3.180.477 euro. Tussen 2004 en 2010 werd er 17 miljoen euro belastinggeld over boord gegooid. Er werden een 100-tal kweekboeien aangekocht bij het Nederlandse bedrijf Wissekramer, kilometers hangkoorden werden aangevlogen uit Australië en er werd een speciale “Musselboot” ingehuurd bij onze noorderburen, alles samen voor miljoenen euro’s. SDVO investeerde 800.000 euro in de Nieuwpoortse vismijn o.a. voor een spiksplinternieuwe mosselverwerkingsinstallatie, terwijl er in de Oostendse vismijn een hypermoderne machine stond weg te roesten uit de faling van de bvba Mytillus. Dit bedrijfje had de boeken neergelegd na een boycot door de Oostendse frauderende vismijndirectie (dossier op aanvraag). In Palermo aan de Noordzee heerst de rode wet van de sterkste.

Kosten noch moeite werden gespaard om de Flanders Queen Mossel te promoten en de Belgica Mossel met overheidssteun kapot te concurreren.

Als directeur van het project werd Luc Mellaerts aangesteld (ex-CEO van het failliete Sobelair) en residerend op de Dominicaanse Republiek. Zijn wedde van 5.800 euro per maand mocht hij naar believen aanvullen met het verhuren van zijn eigen twee privé yachten aan SDVO, de Bleucat en de L’Etaplois. De zakken van het profitariaat zijn dieper dan de Noordzee. Bestuurders van SDVO, waaronder Victor en De Bock richtten op 5 augustus 2008 de CVBA Schelpdier en Vis op om de mosselverkoop te commercialiseren (met amper één aandeel voor SDVO zelf, de rest voor de vrienden, waaronder een reder, nog een ABVV -vakbondsman en zelfs de Nederlandse scheepsbouwer Padmos!). Zes maand later ging het in vereffening zonder onder ooit een jaarrekening te publiceren. Op 27 juli 2009 werd haar opvolger, de CVBA Vlaamse Schelpdier- en Viscoöperatie, opgericht door de omvorming van CVBA Auto’s Rik Jacques (sic) met aan het hoofd reder Marc Dezutter. SDVO & Co vervielen in wanbeleid en zelfbediening. Ze voerden zelfs allerlei campagnes die men kan onderbrengen onder de noemer “water naar de zee dragen”. Zo werd er met de promotiecampagne Dagverse Vis een half jaar lang een paar ton dure kwaliteitsvis aangekocht, dertig procent boven de marktprijs, en gratis rondgedeeld aan een negental sterrenrestaurants. Concurrentievervalsing voor de HORECA en de visleveranciers. Het moest zelfs 300.000 euro BTW terugstorten met 30.000 euro boete er bovenop. Onlangs kwam er nog een SDVO Asia boven drijven (SDVO Foundation for Sustainable Fisheries Development Asia Limited). Het verscheepte twee containers schol naar Hongkong, sloeg er de stempel “duurzaam” op en gaf er een receptie. Kostprijs 130.000 euro.

Mosseloorlog eindigt in zeemansgraf.

Bron

Reageer